Remote Sensing is het waarnemen en meten van het aardoppervlak zonder direct fysiek contact. Sensoren op satellieten registreren bijvoorbeeld zichtbaar licht, infrarood, warmte en radarsignalen. Deze metingen worden verwerkt tot satellietdata en geo-informatie waarmee veranderingen op en rond de aarde kunnen worden gevolgd en geanalyseerd.
Remote Sensing en satellietdata vormen een belangrijk onderdeel van aardobservatie (Earth Observation). Ze maken het mogelijk om grote gebieden regelmatig en op een consistente manier te onderzoeken. Denk aan het volgen van klimaatverandering, water, landbouw, natuur, bodem, infrastructuur en stedelijke ontwikkeling.
Met GIS, beeldanalyse, beeldclassificatie, spectraalanalyse en change detection wordt satellietdata omgezet in bruikbare informatie. Ook technieken zoals optische Remote Sensing, thermische Remote Sensing en radar (SAR) spelen daarbij een belangrijke rol. Zo vormt Remote Sensing de verbinding tussen het waarnemen van de aarde en het toepassen van geo-informatie in de praktijk.